VPKB Kapel De Olijftak, Brasschaat
 
 
Wetenschappers en de vrouw Wetenschappers en de vrouw

Vaak lees je “wetenschappers hebben vastgesteld dat….”. Zo’n zinnetje geeft aan dat de lezer zich niet moet afvragen of het wel waar is wat hij leest, maar dat hij gewoon moet accepteren dat bepaalde, boven elke verdenking verheven mensen, het goed met ons menen en iets absoluut zeker weten. Het ademt immers betrouwbaarheid en geeft een aureool van absolute zekerheid. Nou, als ik zoiets lees, dan gaan bij mij juist de belletjes rinkelen. Ik kan daar niets aan doen, want het zit in mijn genen om dingen tegen het licht te houden en kritisch te bekijken En dat kan ver gaan!

Iets anders is het als wordt aangegeven wie die wetenschappers zijn en als je kan nalezen wat ze gepubliceerd hebben. Dan heb je al een beetje meer zekerheid dat je niet bij de neus genomen wordt. Maar als het onderwerp over de vrouw gaat, dan moet je zeker voorzichtig zijn. Zo las ik vorige week dat er steeds meer werk gemaakt wordt van het verplicht opnemen van vrouwen in raden van bestuur. Noorwegen heeft 5 jaar geleden een wet aangenomen die bedrijven verplicht om minimaal 40% van de “bestuurszitjes” (het stond in de Standaard, vandaar de “zitjes”) aan vrouwen toe te wijzen. En nu heeft België dat ook overgenomen. Het was beslist niet gebeurd als er een voltallige regering was geweest, want die was “zeker en vast” met andere zaken bezig geweest. Niet dat een verdergaande emancipatie van de vrouw niet belangrijk is, maar de wet beperkt zich alleen maar tot de hoogste regionen en dat is natuurlijk kortzichtig.

Het min of meer wetenschappelijk instituut , de “Norwegian School of Management” heeft in een studie nu aangetoond dat het geen zin heeft om een of twee vrouwen aan te stellen in zo’n bestuur. Om er meer gewicht aan te hechten, moet vermeld worden dat ook de universiteit van Rome tot dezelfde conclusie is gekomen. En daar hebben dan een aantal onderzoekers jaren over gedaan. Alsof we dat niet allang wisten: één vrouw in een mannen gremium komt niet aan bod, maar wel als er een stuk of drie zijn. En dat is nu precies wat die onderzoekers in het koude Oslo en het warme Rome aangetoond hebben: één of twee vrouwen in een raad van 6-8 bestuurders maken niets klaar: als kleine minderheid heeft de vrouw dan de neiging zich aan te passen. Alleen als ze met minstens drie zijn, gaat het verschil maken en komen de typisch vrouwelijke eigenschappen tot hun recht. Dat weten we dan!

Toch is dit pas het begin van een geleidelijk proces, dat uiteindelijk zal resulteren in de vraag hoe het nu eigenlijk gesteld is met raden van bestuur die geen of bijna geen mannen hebben. Daar is nog geen onderzoek naar gedaan. Maar dan zijn we wel jaren verder.

Toch moeten we ons geen illusies maken dat de wetgever zich zal beperken tot de hoogste trappen in de organisatorische piramides. We weten maar al te goed dat die machine niet te stoppen is als die eenmaal op gang komt. Voorlopig beperken we ons dus tot een verdere opmars van vrouwen in bestuursraden. Op welk moment men dat genoeg vindt, is niet te zeggen, want 40% is ook geen heilig getal.

Zo gaan er al geruchten dat ook kerkelijke raden van bestuur zich moeten voorbereiden op die opmars. En dat is logisch: immers, als de vrouw in de top van de kerk, lees hiervoor in dit land de katholieke kerk, geen plaats krijgt, dan moet ze maar ruimer vertegenwoordigd zijn in de lagere regionen. En dan kunnen wij wel zeggen dat het in de protestantse kerken veel geëmancipeerder toegaat, we weten dat we geen rol spelen als het gaat om nieuwe wetgeving. De Olijftak behoeft zich echter geen zorgen te maken over de kerkenraad, want daar hebben de vrouwen de meerderheid. Nee, daar wordt gewacht op verder wetenschappelijk onderzoek over de rol van de man in raden waar ze in de minderheid zijn. Wel moet de bestuursraad, dat typische mannen bastion, eens gaan nadenken over de benoeming van ten minste twee vouwen in haar midden. En dan is het excuus “er zijn geen vrouwen die dat moeilijke werk kunnen doen”, niet acceptabel, want de wetgever gelooft daar niets van. Ik eigenlijk ook niet.

Enfin, we hebben nog wel een beetje tijd, maar het is nooit te laat om er alvast eens over na te denken en bijvoorbeeld te anticiperen.

Probus,

19 maart 2011
 

terug
 
 
 
 
Adresgegevens
Leopoldslei 35
2930 Brasschaat
België

Tel: +32 (0)3.653.0158

 
 
Protestantsekerk.net is een samenwerking tussen de dienstenorganisatie van de Protestantse Kerk in Nederland en Human Content Mediaproducties B.V.