VPKB Kapel De Olijftak, Brasschaat
 
 
wierook-2 wierook-2

13 mei 2003

De vorige maanden ben ik er niet toe gekomen te schrijven over het wel en wee van wierook in de RK kerk, omdat ik me heb laten afleiden door de onvolprezen Bertus Aafjes en wat we beleefden in Teror, Gran Canaria. Ik hoop dat de goede lezer me dat niet kwalijk heeft genomen. Maar omdat ik het niet op mijn geweten wil hebben dat hij of zij tevergeefs rijkhalzend zit uit te kijken naar het vervolg, hierbij dan het onvervalste verhaal over wierook.

In januari werd ik opgeschrikt door een alarmerend berichtje in de NRC, getiteld: “De geur verdwijnt uit de kerk”. Dat de journalist van het artikel deze te verwachten verdwijning heeft toegeschreven aan de “kerk” en niet meer specifiek is geweest, zij hem vergeven: hij wist waarschijnlijk niet dat er ook kerkgenootschappen zijn die het verdwijnen van de geur uit de kerk niet als een drama opvatten. Maar nu eerst de inhoud van het artikel:

In zijn inaugurele rede aan de universiteit van Wageningen beschreef Frans Bongers in januari dat de wierooktapperij in Eritrea een grote bedreiging vormt voor de wierookboom, de Boswelia papyrifera. In de eerste plaats verdwijnen veel wierookbossen ten gunste van de landbouw, iets wat we op veel plaatsen in de wereld en bij vele bossen tegenkomen. De bossen die nog overgebleven zijn, liggen daardoor vaak in moeilijk toegankelijke gebieden op steile hellingen. Bovendien is er te intensief wierook gewonnen uit de bomen, dwz. dat men teveel en te intensief heeft getapt. In principe moet de Boswelia, zoals alle bomen met een hoog gehalte aan hars in de bast, deze hars kwijt zien te raken. De natuur zorgt ervoor dat de bast op verschillende plaatsen scheurt, waardoor de hars er in druppels (ook wel tranen genoemd) uitloopt. De ongeduldige mens, die de productie graag verhoogt, snijdt de bast in, zodat de hars er in kleine stroompjes uitloopt, die men dan opvangt in kleine pannetjes. Een proces dat al eeuwen oud is; men kan dit in Les Landes bijvoorbeeld nog zien, waar hars uit naaldhout wordt afgetapt en in New England, waar het vocht van de “maple tree” wordt afgetapt, dat dan na inkoken de overheerlijke maple syrup oplevert.

In Eritrea schijnt het tappen een beetje de spuigaten uit te lopen. Een bijkomend verschijnsel is dat de bomen minder bloemen geven en dus ook minder zaden, die nog eens 30-40% kleiner zijn. Dan laten de boeren ook nog hun vee in de bossen grazen, waarmee de teloorgang van de wierook duidelijk wordt onderstreept.

Een mogelijk gevolg van de verdwijning van de wierook zou kunnen zijn dat de rooms katholieken een beetje dichter naar de protestanten schuiven. Zou de goede lezer wellicht menen dat Probus in stilte hoopt dat de wierook, als een duidelijk symbool van de RK kerk, met de ondergang wordt bedreigd en zelfs staat te verdwijnen? Niets is minder waar! Alles zal ik er aan doen om het gebruik van wierook in de RK kerk te laten voortduren. Terwijl de Wageningse Frans Bongers het alleen maar heeft over de “galbanum” uit Eritrea, heeft de wereld tal van vervangingsmiddelen. Neem nu eens de parfumindustrie: die houdt uiteraard veel meer het oor dicht bij de grond en weet allang dat er iets mis is in Eritrea. En dus heeft men daar de bakens al enige tijd geleden verzet en is gaan experimenteren met gomhars uit India, om maar eens een land te noemen waar wierook of “incense” veel gebruikt wordt. Waar je ook maar komt in dit grote land met z’n ruim 1 miljard inwoners, je ruikt de lieflijke, en soms wel eens indringende geur van de mirre, de gomhars of galbanum die op gloeiende kooltjes verbrand wordt.

Niet ten onrechte is het gebruik daar zo wijdverbreid. Het is immers het symbool van aanbidding en van het ten hemel stijgende gebed. Dat geldt in de eerste plaats voor de Hindoes en de Boeddhisten, die gezamenlijk oneindig veel meer wierook gebruiken dan de RK kerk. Dat de laatste zich zorgen moet maken is eigenlijk onterecht; men zou eens om zich heen moeten kijken waar anderen het vandaan halen. India heeft de gom van de Boswelis serrata, de olie van sandelwood als geurige houtsoort en nog veel meer.

En als ze daar niet naar kijken of de weg niet weten, dan zal ik mij als Probus inzetten hen op het rechte pad te zetten. Dus de bisschoppen en als het moet de Paus vertellen waar Abraham de mosterd haalt. Niet om een wit voetje te halen in Rome, maar eenvoudig omdat ik vurig hoop dat dit in protestantse kerken verbannen gebruik van wierook nog eens in ere wordt hersteld. Zijn we dan helemaal vergeten dat niet alleen het gebruik van reukoffers en zalfolie, maar ook de complete recepten uitvoerig beschreven zijn in de Torah? Het gebruik, daar gaat het om: dat de geur van wierook onze gebeden vergezelt op hun weg naar de hemel.

Is dit voorstel of verlangen te gewaagd, te overmoedig? Misschien wel, want wie dit op korte termijn gerealiseerd wil zien, moet veel geduld hebben. Erg? Welnee, Keulen en Aken zijn immers ook niet op één dag gebouwd, maar er allebei wel gekomen. Hopen dus, ondertussen mijmerend over de lieflijke geuren die moeder aarde in een            oneindige variatie voortbrengt en denkend aan de etherische band die er bestaat met het Opperwezen.

Probus

13 mei 2003

terug
 
 
 
 
Adresgegevens
Leopoldslei 35
2930 Brasschaat
België

Tel: +32 (0)3.653.0158

 
 
Protestantsekerk.net is een samenwerking tussen de dienstenorganisatie van de Protestantse Kerk in Nederland en Human Content Mediaproducties B.V.